Hét online taaladviespunt HvA en UvA

Antwoorden Top 15 Nt2-grammaticafouten

1. Deze is hier niet goed gekozen. Het is ‘het boek’. Het is dus een het-woord. Bij een het-woord gebruik je dit en dat. Klik hier voor meer uitleg.
Deze boek heb ik al drie keer gelezen; het is fantastisch geschreven.

Dit boek heb ik al drie keer gelezen; het is fantastisch geschreven.

 
2. Het adjectief moet je in deze zin zonder -e gebruiken. Klik hier voor meer uitleg.

Het Muiderslot is een prachtige middeleeuwse kasteel. Heb je het wel eens bezocht?
Het Muiderslot is een prachtig middeleeuws kasteel. Heb je het wel eens bezocht?

 
3. De lidwoorden het en de ontbreken hier. Klik hier voor meer uitleg.

Ik liep via Rokin naar Dam.
Ik liep via het Rokin naar de Dam.

 
4. De combinatie van voorzetsel en voornaamwoord is niet correct gebruikt. Klik hier voor meer uitleg.

 ‘De wereld draait door’ is een programma naar wat veel mensen kijken.
 ‘De wereld draait door’ is een programma waarnaar heel veel mensen kijken. Of:
‘De wereld draait door’ is een programma waar heel veel mensen naar kijken.

 
5.  De uitdrukking in de zinnen is niet compleet. Het woordje ‘het’ ontbreekt.

A: Tilburg is de mooiste stad van Nederland. B: Daar ben ik ___ niet mee eens.

A: Tilburg is de mooiste stad van Nederland. B: Daar ben ik het niet mee eens.

 
6.  De persoonsvorm van het werkwoord staat niet op de goede plaats. Klik hier voor meer uitleg.

Na Nieuwjaar de directeur sprak de mensen toe.
Na Nieuwjaar sprak de directeur de mensen toe.

 
7.  Het werkwoord in de bijzin staat niet op de goede plaats. Klik hier verschijnt vandaag niet, omdat er iseen staking.

De krant verschijnt vandaag niet, omdat er een staking is.

 
8.  Plaatsvinden’ is een scheidbaar werkwoord. Klik hier voor meer uitleg.

Deze ziekte voorkomt bijna niet meer in Nederland.
Deze ziekte komt bijna niet meer in Nederland voor. Of: Deze ziekte
komt bijna niet meer voor in Nederland.

 
9.  Het reflexief pronomen ‘zich’ ontbreekt. Klik hier voor meer uitleg.

Hij was niet op de bijeenkomst omdat hij ____ in de datum vergist had.
Hij was niet op de bijeenkomst omdat hij zich in de datum vergist had.

 
10.  De tijd van het hulpwerkwoord klopt niet. Klik hier voor meer uitleg.

Tegenwoordig worden veel patiënten door de doktersassistente geholpen.

 
11. Het hulpwerkwoord ‘hebben’ klopt niet. Je moet ‘zijn’ gebruiken. Klik hier voor meer uitleg.

 Zij hebben vorige week naar Parijs verhuisd.
Zij zijn vorige week naar Parijs verhuisd.

 
12. Het gebruik van ‘jij’ klopt niet. Je moet hier ‘je’ gebruiken. Klik hier voor meer uitleg.

Een kind kan jij iets uitleggen, een hond niet.
Een kind kan je iets uitleggen, een hond niet.

 
13.  Het woordje ‘er’ ontbreekt. Klik hier voor meer uitleg.

Hebben ze kinderen? Nee, ze hebben ___ geen.
Hebben ze kinderen? Nee, ze hebben er geen.

 
14. De uitdrukking in de zin is niet compleet. Het woordje ‘er’ ontbreekt. Klik hier voor meer uitleg.

U ziet ____ goed uit vandaag, beter dan gisteren. Voelt u zich ook beter?
U ziet er goed uit vandaag, beter dan gisteren. Voelt u zich ook beter?

 
15. De tijd is niet goed. Je moet hier het presens gebruiken. Klik  hier voor meer uitleg.

Ik heb al sinds 1998 op de Overtoom gewoond.

Ik woon al sinds 1998 op de Overtoom.