Hét online taaladviespunt HvA en UvA

De lay-out van alinea’s

Er zijn drie manieren om het onderscheid tussen alinea’s typografisch weer te geven:

  • op een nieuwe regel beginnen, zie voorbeeld a
  • na een witregel beginnen, zie voorbeeld b
  • inspringen, zie voorbeeld c
  • meestal zie je in langere teksten als een werkstuk een combinatie van voorbeeld b en c, zie voorbeeld d

 

Voorbeeld a

Er zijn momenteel in Nederland een groot aantal personen (migranten) die afkomstig zijn uit andere landen. Ze hebben een andere cultuur en meestal spreken ze een andere taal naast het Nederlands.
Twee van de belangrijkste redenen achter immigratie zijn economie en politiek. Een migrant die om economische redenen immigreert, heeft, in tegenstelling tot een politieke migrant, economische belangen voor ogen. Nadat hij zijn doel bereikt heeft, wil hij terugkeren naar zijn eigen land. Daarom bekommert hij zich er niet om door te groeien in zijn werk en de taal van het land waar hij verblijft te leren. Als gevolg hiervan verzwakt zijn sociaal- maatschappelijke positie. Deze zwakke sociaal- maatschappelijke positie vinden we weerspiegeld in de verschillende benamingen die de Nederlandse immigranten in de loop van de tijd gekregen hebben. Zo werden de immigranten bijvoorbeeld heiden, vreemdeling, gastarbeider, buitenlander, etnische minderheid, allochtoon, immigrant en asielzoeker genoemd.
Uit een rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) is gebleken dat nu zes procent van de bevolking allochtoon is en dat de helft van de allochtonen van buiten de Europese Unie een islamitische achtergrond heeft. Dus telt Nederland bijna 1 miljoen moslims.
Een groot deel van de moslim immigranten komt uit Marokko en Turkije. Deze groep is de eerste groep migranten moslims die in de jaren zeventig als gastarbeider naar Nederland kwamen. Aan de naam gastarbeider is duidelijk te zien dat het om economische migranten gaat: migranten die van mening zijn dat ze hier niet lang zullen blijven. Deze houding heeft geleid tot een zwakke maatschappelijke en sociaal-economische positie.

 

Voorbeeld b

Er zijn momenteel in Nederland een groot aantal personen (migranten) die afkomstig zijn uit andere landen. Ze hebben een andere cultuur en meestal spreken ze een andere taal naast het Nederlands.

 

Twee van de belangrijkste redenen achter immigratie zijn economie en politiek. Een migrant die om economische redenen immigreert, heeft, in tegenstelling tot een politieke migrant, economische belangen voor ogen. Nadat hij zijn doel bereikt heeft, wil hij terugkeren naar zijn eigen land. Daarom bekommert hij zich er niet om door te groeien in zijn werk en de taal van het land waar hij verblijft te leren. Als gevolg hiervan verzwakt zijn sociaal- maatschappelijke positie. Deze zwakke sociaal- maatschappelijke positie vinden we weerspiegeld in de verschillende benamingen die de Nederlandse immigranten in de loop van de tijd gekregen hebben. Zo werden de immigranten bijvoorbeeld heiden, vreemdeling, gastarbeider, buitenlander, etnische minderheid, allochtoon, immigrant en asielzoeker genoemd.

 

Uit een rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) is gebleken dat nu zes procent van de bevolking allochtoon is en dat de helft van de allochtonen van buiten de Europese Unie een islamitische achtergrond heeft. Dus telt Nederland bijna 1 miljoen moslims.

 

Een groot deel van de moslim immigranten komt uit Marokko en Turkije. Deze groep is de eerste groep migranten moslims die in de jaren zeventig als gastarbeider naar Nederland kwamen. Aan de naam gastarbeider is duidelijk te zien dat het om economische migranten gaat: migranten die van mening zijn dat ze hier niet lang zullen blijven. Deze houding heeft geleid tot een zwakke maatschappelijke en sociaal-economische positie.

 

Voorbeeld c

Er zijn momenteel in Nederland een groot aantal personen (migranten) die afkomstig zijn uit andere landen. Ze hebben een andere cultuur en meestal spreken ze een andere taal naast het Nederlands.
Twee van de belangrijkste redenen achter immigratie zijn economie en politiek. Een migrant die om economische redenen immigreert, heeft, in tegenstelling tot een politieke migrant, economische belangen voor ogen. Nadat hij zijn doel bereikt heeft, wil hij terugkeren naar zijn eigen land. Daarom bekommert hij zich er niet om door te groeien in zijn werk en de taal van het land waar hij verblijft te leren. Als gevolg hiervan verzwakt zijn sociaal- maatschappelijke positie. Deze zwakke sociaal- maatschappelijke positie vinden we weerspiegeld in de verschillende benamingen die de Nederlandse immigranten in de loop van de tijd gekregen hebben. Zo werden de immigranten bijvoorbeeld heiden, vreemdeling, gastarbeider, buitenlander, etnische minderheid, allochtoon, immigrant en asielzoeker genoemd.
Uit een rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) is gebleken dat nu zes procent van de bevolking allochtoon is en dat de helft van de allochtonen van buiten de Europese Unie een islamitische achtergrond heeft. Dus telt Nederland bijna 1 miljoen moslims.
Een groot deel van de moslim immigranten komt uit Marokko en Turkije. Deze groep is de eerste groep migranten moslims die in de jaren zeventig als gastarbeider naar Nederland kwamen. Aan de naam gastarbeider is duidelijk te zien dat het om economische migranten gaat: migranten die van mening zijn dat ze hier niet lang zullen blijven. Deze houding heeft geleid tot een zwakke maatschappelijke en sociaal-economische positie.

 

 

Voorbeeld d

 

Er zijn momenteel in Nederland een groot aantal personen (migranten) die afkomstig zijn uit andere landen. Ze hebben een andere cultuur en meestal spreken ze een andere taal naast het Nederlands.
Twee van de belangrijkste redenen achter immigratie zijn economie en politiek. Een migrantdie om economische redenen immigreert, heeft, in tegenstelling tot een politieke migrant, economische belangen voor ogen. Nadat hij zijn doel bereikt heeft, wil hij terugkeren naar zijn eigen land. Daarom bekommert hij zich er niet om door te groeien in zijn werk en de taal van het land waar hij verblijft te leren. Als gevolg hiervan verzwakt zijn sociaal- maatschappelijke positie. Deze zwakke sociaal- maatschappelijke positie vinden we weerspiegeld in de verschillende benamingen die de Nederlandse immigranten in de loop van de tijd gekregen hebben. Zo werden de immigranten bijvoorbeeld heiden, vreemdeling, gastarbeider, buitenlander, etnische minderheid, allochtoon, immigrant en asielzoeker genoemd.

 

Uit een rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) is gebleken dat nu zes procent van de bevolking allochtoon is en dat de helft van de allochtonen van buiten de Europese Unie een islamitische achtergrond heeft. Dus telt Nederland bijna 1 miljoen moslims.
Een groot deel van de moslim immigranten komt uit Marokko en Turkije. Deze groep isde eerste groep migranten moslims die in de jaren zeventig als gastarbeider naar Nederland kwamen. Aan de naam gastarbeider is duidelijk te zien dat het om economische migranten gaat: migranten die van mening zijn dat ze hier niet lang zullen blijven. Deze houding heeft geleid tot een zwakke maatschappelijke en sociaal-economische positie.

 

Samenhang tussen en binnen alinea’s maak je helder door het gebruik van signaal– en verwijswoorden. Een alinea behelst altijd een kernidee. Kijk bij opbouw van alinea’s om te zien hoe je een alinea het beste structureert.